Twitter

Nova Documentaire over It's Your Turn

Ontstaan It's Your Turn

Na de eerste kennismaking met Senegal bleken zowel Nyaki als Laurean vrijwel alle dagelijkse vanzelfsprekendheden van het leven in Nederland opeens totaal anders te beleven. Beiden hadden elk op hun eigen wijze eerst tijd nodig om het verschil in levensstandaard een plaats te geven in hun leven. Het kon eenvoudigweg toch niet waar zijn dat gewone jonge mensen in Senegal vrijwel geen enkele mogelijkheid hebben om zich aan de armoede te ontworstelen, behalve dan per vissersboot naar Europa te vluchten om daar een illegaal leven op te bouwen, ver van alle familie en geliefden. Hun eigen zekerheid dat zij hun levensdromen groot gedeeltelijk zullen kunnen verwezenlijken, mits zij daar natuurlijk voor werken, kwam met de opgedane ervaring in een geheel ander daglicht te staan. Voor zowel Nyaki als Laurean stond meteen als een paal boven water dat zij zich nooit zouden kunnen neerleggen bij dit gevoel van onrechtvaardigheid, waarbij niet vergeten moet worden dat voor Nyaki het gevoel een kind uit die twee culturen samen te zijn voorgoed tot haar werkelijkheid behoorde. Als gevolg daarvan hebben Nyaki en Laurean Serné het concept 'It's Your Turn' ontworpen en Annette Heijboer heeft dit verder theoretisch uitgewerkt. De eerste ontwikkelingen van de stichting "It is Your Turn!"; zijn enigszins anders verlopen dan normaal gangbaar is. Nyaki Serné heeft als een echte "doener"; meteen het initiatief genomen een stichting op te richten. Daarna is zij "de boer opgegaan" en in Nederland heeft zij de Hogeschool INHolland weten te overtuigen een samenwerkingsverband met de stichting aan te gaan. Door in de eerste zeven maanden heel intensief praktisch bezig te zijn, zowel in Nederland als op locatie, bleek de theoretische structuur, waarbij studenten uit het westen samenwerken met studenten en jongeren uit ontwikkelingslanden, ditmaal Senegal, het dichtst bij de dagelijkse werkelijkheid van mogelijkheden te liggen. Ondertussen stortte Laurean zich op het internet om meer te weten te komen over de geschiedenis, de oorzaken en gevolgen, het nu en eventuele toekomstige mogelijkheden van Senegal en Cayar in het bijzonder. Daarmee kan Laurean meer als een "denker"; getypeerd worden en zo vulden Nyaki en Laurean elkaar uitstekend aan. Met andere woorden: De theorie is ontwikkeld vanuit de praktijk.

Voorgeschiedenis

Voorgeschiedenis
Ik sta op Schiphol en word overmand door emoties. Als ik nu in het vliegtuig naar Senegal stap, ontmoet ik over een paar uur voor het eerst in mijn leven mijn biologische vader. Waar ben ik eigenlijk mee bezig? Straks haal ik iets aan, wat ik niet meer kan stopzetten. Straks kan ik niet ineens doen of hij nooit in mijn leven geweest is. Eigenlijk wil ik me het liefst omdraaien en weglopen. Ik kan alleen nog maar huilen. Mijn broertje Laurean praat me er doorheen: "Kom op Nyaki, ik ga met je mee, ik steun je.' Dan komt het moment, we gaan de gate door. Nog zes uur, dan is het zover...
Toen mijn moeder 27 jaar geleden mijn vader ontmoette, was hij illegaal in Nederland. Ze werden verliefd, trouwden en een paar jaar later werd ik geboren. Mijn moeder Annette was destijds 28, mijn vader Jim 22. Hij mocht hier de eerste drie jaar niet werken, dus mijn moeder zorgde voor de kost en Jim zorgde voor mij. Dit brak ze allebei op. Mijn vader was erg jong en kon de verantwoordelijkheid voor een gezin nog niet echt aan. Ook bleek hij toch zijn eigen moeder heel erg te missen. Toen is besloten dat mijn vader zou terugkeren naar Senegal. Mijn oma heeft toen gezegd: "Jim, als je echt van Nyaki en Annette houd, ga je terug en neem je over tien jaar contact op. En jawel... precies tien jaar na zijn vertrek belde hij op! Ik was toen bijna twaalf en had geen behoefte aan contact. Mijn moeder was hertrouwd en had een tweede kindje gekregen, Laurean. Ik beschouwde dit als mijn familie. Jim heeft vanaf dat moment elk jaar een brief geschreven, waarop ik niet reageerde. Mijn moeder deed dat wel. Zij vond dat er altijd contact moest blijven, voor het geval ik de behoefte had mijn biologische vader te ontmoeten.
In januari dit jaar begon het te borrelen. Ik wilde weten wie mijn vader is. En op het moment dat ik besloot contact op te nemen, lag er een brief van hem op de deurmat. Ik heb teruggeschreven dat ik wilde komen en hem mijn mobiele nummer gegeven. Twee weken later ging de telefoon, het was mijn vader! Nu bellen we elke zondag om alles door te nemen voor mijn vertrek. Na drieëntwintig jaar is het zover. Ik ga naar Senegal om mijn biologische vader te ontmoeten!

Anders dan verwacht

Als we in het donker in Senegal landen, weet ik niet hoe ik het heb. Ik ga hem ontmoeten! Maar wat gaat er gebeuren? Mijn vader kan gaan huilen en me omhelzen, maar me net zo goed strak aankijken en een hand geven. De zenuwen gieren door mijn lijf en weer branden de tranen achter mijn ogen. Mijn vader weet dat ik een roze koffer heb, daaraan kan hij me herkennen. De ontvangsthal staat volgepakt met donkere mensen, maar wie is het? Voor ik het weet, staat iemand voor me en zegt: "Ik ben het, Jim.' Het is mijn vader, hij omhelst me. Dat voelt goed, maar ook een beetje ongemakkelijk. Ik heb zoiets van: ik ken jou niet. Ik durf hem niet goed aan te kijken. Ik had hem groter en steviger verwacht. Op foto's van vroeger was het een heel stijlvolle man. Mensen zeggen vaak dat je, als je je roots opzoekt, het gevoel hebt van thuiskomen. Ik heb dat gevoel helemaal niet. Sterker nog: ik wil hier weg. Mijn vader spreekt na al die jaren nog steeds Nederlands en stelt voor meteen naar huis te gaan. Ik merk aan hem dat hij het moeilijk vindt om de plek te laten zien waar hij leeft. Er is veel armoede. Hij vertelt dat we bij de buren logeren, in een mooie kamer. Als we binnenkomen, blijkt er alleen een bed te staan. Ernaast ligt een matras op de grond. Laurean en ik kijken elkaar aan: dit is Afrika.

Blijven hangen in het verleden

Die nacht kan ik niet slapen. Ik ben zo zenuwachtig. Waar ben ik, wat komt er allemaal op me af? Rond half zes word ik wakker. Nu begint het echt. Ik ben zo zenuwachtig. Wat moet ik aantrekken? Moet ik me kleden zoals ik dat altijd doe of lijkt het dan of ik heel rijk ben? Het wordt een linnen broek met een shirtje. Beneden zit mijn vader aan de ontbijttafel. Ook hij is duidelijk zenuwachtig. Als ik hem een paar cadeautjes geef, reageert hij amper. Maar het wordt al snel duidelijk. Die spullen vindt hij onbelangrijk. Ik ben zijn grootste cadeau! Hij wil me aan iedereen laten zien. Opnieuw een vreemde ervaring. Bij al zijn vrienden en familie in de buurt staan foto's van mij in de kamer, de dochter van Jim, waar al drieëntwintig jaar over gesproken wordt. Iedereen wil me vasthouden. En iedereen noemt Jim "crazy'. Hij heeft na mijn moeder nooit meer een vrouw gehad en geen kinderen gekregen. Hij vindt het niet eerlijk een kind in de armoedige situatie in Senegal te laten opgroeien. Mijn moeder is zijn grote liefde, ik ben zijn kind; hij is blijven hangen in het verleden. Maar nog steeds heb ik niet het gevoel: dit is mijn vader. Mijn vader kan moeilijk met de situatie omgaan. Hij durft mij niet goed onder ogen te komen, zonder dat hij alcohol gedronken heeft. Daar heb ik moeite mee. Hij is steeds onder invloed, zo kan ik hem niet goed leren kennen. Bovendien loopt iedereen hier bij elkaar in en uit. En dus zijn we nooit alleen, geen minuut. Ik heb tijd nodig om dingen te laten bezinken, maar voor ik de ene ervaring kan verwerken, komt de volgende alweer.

Plaatsvervangende schaamte

Het is de tweede dag in Senegal, als mijn broer naar me toekomt: "Jim vertelde net dat hij het heel fijn vindt, als mensen zeggen dat ze van hem houden. Ik denk dat hij doelde op jou.' Ik kijk hem aan en ben stil. Dat kan ik niet zeggen. Ik voel het niet. Als ik dat nu tegen hem zeg, lieg ik, dan komt het niet uit mijn hart. Meteen komen er weer tranen. Mijn vader houdt van mij, hij heeft mij anderhalf jaar als baby meegemaakt. Maar ik heb daar geen herinneringen aan. Voor mij is hij een vreemde. Mijn broer kalmeert me en zegt: "Rustig aan, dat komt nog wel.' Ik denk alleen maar: ik weet niet of dat nog wel komt. Eigenlijk wil ik helemaal niet dat dit mijn vader is. Ik kan niet omgaan met de omstandigheden waarin hij leeft. Hij slaapt op een matrasje in de hoek onder de trap. Hij heeft niets. Hij is onverzorgd en heeft geen tanden meer in zijn mond, terwijl hij op mijn babyfoto's van vroeger met zo'n big smile rondliep. Het is zo confronterend. Ik besef dat hij al die jaren armoede heeft gekend en krijg plaatsvervangende schaamte. Ik zeur thuis over nieuwe schoenen, terwijl hij nog niet eens warm water heeft. Die nacht lig ik in bed alleen maar te huilen en zeg tegen mijn broer, die op het matras naast mijn bed ligt: "Ik kan dit niet aanzien, ik wil terug.'

Ineens is het gevoel daar...

De derde ochtend denk ik: ik moet hem nu toch echt leren kennen. Straks ga ik terug en weet ik alsnog niet wie mijn vader is. In de gang spreek ik Jim aan en vraag van alles. Over vroeger, over hoe hij verder heeft geleefd zonder mij. Hij reageert heel emotioneel. En dan is het moment ineens daar. De manier waarop hij naar me kijkt, die glinstering in zijn ogen. Ik kijk hem aan en opeens komt het gevoel keihard bij me binnen: dit is mijn vader. Ik zie het aan alles. Zijn ogen, zijn lach, de onvoorwaardelijke liefde. Ik zie hoe hij naar me kijkt en besef: hij houdt van me, wat ik ook doe. Ik barst in tranen uit, ben er helemaal vol van. Als mijn broer me komt troosten, zeg ik: "Je had gelijk, ik hou van hem.' Zonder dat ik mijn vader echt ken, voel ik het. Hij lijkt zoveel op mij. We lopen hetzelfde, we lachen hetzelfde, we reageren en denken hetzelfde. Het overvalt me. Dit is dus hét moment. Tegelijkertijd word ik er bang van.
Het goede gevoel is mooi, maar wat als ik straks terug ben?

Eindelijk een band met elkaar

Vanaf dat moment wordt mijn vader steeds losser. Hij omhelst me, pakt mijn hand vast. Ik zie mezelf in hem. Eindelijk hebben we een band met elkaar. Dan gaan we de stad uit en zie ik hem van een andere kant. In de natuur, aan zee, is hij helemaal in zijn element. Hij zegt wel honderd keer per dag hoe gelukkig hij is met mij in zijn leven. En eindelijk kan ik terugzeggen: "Ik ben ook blij dat ik hier ben, vooral omdat ik nu weet wie jij bent. Je hebt een goed hart.' Hoe ga ik dit alles straks uitleggen als ik thuis ben? Ik wil het liefst dat alle mensen die dichtbij me staan dit ook meemaken. Dit had ik nooit verwacht: dat ik echt een vader zou hebben! In Kayar, een prachtige bounty-plek, slapen we in bungalowtjes aan het strand. Ongerepte natuur, de zee...dit is genieten. Eindelijk hebben we de tijd om samen te praten.

Een nieuw begin

De dag voor mijn vertrek is mijn vader niet vrolijk, hij weet dat ik wegga. Ik besluit muziek op te zetten, "The Beginning' en "Crazy' van Seal. Nog geen twee tellen later staan we allemaal te dansen. "Vanavond geven we een feest', roep ik. "We nodigen iedereen uit en ik zorg voor muziek en eten. We gaan niet zielig doen, maar feesten, want dit is niet alleen een afsluiting, maar ook een nieuw begin. Ik kom terug, ik beloof het.' Die avond gaat iedereen helemaal los. En dan is het moment daar dat ik terugmoet. De hele dag zegt Jim: "Ik mis je nu al.' Als het zover is en we op de luchthaven staan, houd ik hem vast. Hij zegt: "Nyaki, ik hou van je, je hebt mijn leven gered.' Dan draait hij zich om en loopt weg. Een goede vriend van hem blijft staan, hij huilt. Ik huil ook, net als mijn broer. Mijn vader wil de tranen niet zien en de mooie momenten vasthouden.

Terug naar Senegal

Eenmaal thuis voel ik me raar. Dit waren de zwaarste zes dagen in mijn leven, mijn leven is veranderd. Ik heb mijn vader achtergelaten. Iemand die een deel van mij is geworden. Hoe ga ik dit verwerken? Ik ga veel uit en doe van alles om er maar niet over na te denken. Tot mijn moeder zegt: "Nyaki, je zit ermee, gooi het eruit.' Weer stromen de tranen over mijn wangen. Maar het is goed, want als ik er vaker over praat, zie ik ineens wat ik moet doen. Ik studeer toerisme, waarom zou ik niet iets in Senegal opzetten. Iets dat de mensen daar zelf kunnen opbouwen en runnen? Mijn vader spreekt de taal en Nederlands en Engels, hij kan tolk zijn. Ik wil in Kayar een stuk land kopen aan zee en daar bungalows laten bouwen of misschien zelfs een wellness resort. Op school staat iedereen achter me. Leraren willen vertalen, klasgenoten willen mij helpen met de opstart van dit project. Ineens heb ik een heel netwerk van mensen die willen helpen. Mijn vader is euforisch als hij in een internetcafé in zijn mail leest dat ik in januari weer terugkom. Ik zeg dat ik hem nodig heb en dat hij moet oppassen met zijn gezondheid, want daar gaat het echt niet goed mee.
Nu heb ik elke week contact met hem. En als ik zijn glimlach zie op de webcam, voel ik: ja, ik heb een vader. Ik mis hem. Ik wil hem zien en vasthouden, en zeggen dat ik van hem hou. De drank raakt hij niet meer aan. Hij zegt steeds: "Je hebt mijn leven gered en me een tweede kans gegeven.' Maar net zoals ik hem hoop gaf, heeft hij mij een doel gegeven. Ik wist nooit wat ik precies wilde gaan doen. Nu weet ik het. Dit is mijn roeping, ik ga in Senegal een project opzetten. Ik heb een vader gekregen én een droom die ik kan waarmaken.

Projecten

Projecten

Acties

Acties

Reizen

Reizen

Contact

Contact